Diagnostiek naar trombofilie-factoren – Erfelijke factoren

Diagnostiek naar erfelijke factoren is gerechtvaardigd in de volgende situaties:

  • Mensen met doorgemaakte VTE én een eerste of tweedegraads familielid met VTE, ten behoeve van beleid bij eerstegraads (vrouwelijke) familieleden
  • Mensen met een eerstegraads familielid met een bekende ernstige factordeficiëntie, bepaal in dit geval alleen de reeds bekende trombofiliefactor
  • Bijzondere situaties, ter beoordeling van internist

Diagnostiek naar erfelijke trombofilie omvat de volgende bepalingen:

  • Antitrombine, activiteit
  • Proteine C, activiteit
  • Proteine S vrij, antigeen
  • Factor V Leiden
  • Factor II (G20210A) mutatie

Bepaling van overige factoren, waaronder Factor VIII, Homocysteïne en MTHFR-mutaties is niet geïndiceerd in het kader van trombofilie.