Bariatrie – Perioperatief beleid staken antitrombotische therapie bij bariatrische chirurgie
T.a.v. het preoperatief beleid van antitrombotische therapie wordt verwezen naar algemene TTEC richtlijnen. Hierbij per groep een samenvatting.
Uitstel van operatie
Aangezien bariatrische chirurgie in de regel electieve chirurgie betreft dienen operaties na een cardiovasculair event of veneuze trombo-embolie (VTE) waarvoor patiënt gedurende een vooraf bepaalde periode aanvullende antistolling gebruikt bij voorkeur worden uitgesteld tot na het verstrijken van deze behandeltermijn indien dit een behandeling van maximaal 12 maanden bedraagt.
Tabellen
Nadroparine
#LMWH_nadroparine
|
NADROPARINE |
Profylactische dosering niet afhankelijk van nierfunctie |
Therapeutische dosering bij eGFR > 30 ml/min gewicht afhankelijk |
Therapeutische dosering bij eGFR≤30 ml/min* gewicht afhankelijk |
|
<55 kg: |
<55 kg: |
||
|
2dd 3.800IE |
2dd 2.850IE |
||
|
nadroparine |
1dd7.600IE |
1dd 5.700 IE |
|
|
(Fraxiparine®of |
1dd 2.850IE |
||
|
Fraxiparine Forte® |
Bij obesitas (BMI≥40 kg/m2) 1dd 5700 IE |
55 tot 75 kg: |
55 tot 75 kg: |
|
(vroeger Fraxodi®)) |
2dd 5.700IE |
2dd 3.800IE |
|
|
1dd11.400IE |
1dd 7.600IE |
||
|
75 tot 95 kg: |
75 tot 95 kg: |
||
|
2dd 7.600 IE |
2dd 5.700IE |
||
|
1dd15.200IE |
1dd 11.400 IE |
||
|
95-115 kg: |
95-115 kg: |
||
|
2dd 9.500IE |
2dd 7.600IE |
||
|
1dd 19.000 IE |
1dd 15.200 IE |
||
|
115-135 kg: |
115-135 kg: |
||
|
2dd 11.400 IE |
2dd 9.500 IE |
|
1dd 19.000 IE |
|||
|
135-180 kg: |
135-180 kg: |
||
|
2dd 15.200 IE |
2dd 11.400 IE |
||
|
>180 kg: |
>180 kg: |
||
|
2dd 19.000 IE |
2dd 15.200 IE |
||
|
*Inclusief dialyse, NB1. Fraxiparine Forte 1dd is gecontra-indiceerd binnen de context van bridging |
|||
DOAC – Tabel 3: tromboseprofylaxe beleid
#DOAC_Tabel_3_tromboseprofylaxe_beleid
|
Geen indicatie voor bridgen |
Wel indicatie voor bridgen |
|
|
DOAC na bariatrische ingreep omgezet naar VKA |
– Postoperatief tot 2 weken Nadroparine 3800 IE/0,4 ml 1dd s.c. bij een gewicht van <100kg en 5700 IE/0,6 ml 1dd s.c. bij een gewicht van > 100kg. – VKA starten 2 weken postoperatief. – Nadroparine pas staken bij adequate INR. |
– Postoperatief 48u profylactisch nadroparine 3800 IE/0,4 ml 1dd s.c. bij een gewicht van < 100kg en 5700 IE/0,6 ml 1dd s.c. bij een gewicht van > 100kg daarna over op therapeutisch nadroaprine tot 2 weken postoperatief. – VKA starten 2 weken postoperatief. – Nadroparine pas staken bij adequate INR |
|
Herstart DOAC na bariatrische ingreep. |
– Postoperatief tot 4 weken Nadroparine 3800 IE/0,4 ml 1dd s.c. bij een gewicht van < 100kg en 5700 IE/0,6 ml 1dd s.c. bij een gewicht van > 100kg. – DOAC herstarten 4 weken postoperatief. |
– Postoperatief 48u profylactisch nadroaprine 3800 IE/0,4 ml 1dd s.c. bij een gewicht van < 100kg en 5700 IE/0,6 ml 1dd s.c. bij een gewicht van > 100kg daarna over op therapeutisch. – Nadroparine tot 4 weken postoperatief. – DOAC herstarten 4 weken postoperatief. |
NB: Mocht er toch een reden zijn om liever geen VKA te gebruiken na een bariatrische ingreep, dan heeft van de DOAC’s apixaban de voorkeur. Apixaban kan vanaf 4 weken postoperatief worden gestart. Monitor de apixabanspiegels of gekalibreerde anti-factor-Xa-activiteit 1, 3 en 6 maanden ná start van Apixaban en monitor vervolgens jaarlijks. Bij spiegels buiten populatiegemiddelden, heroverweeg opnieuw behandeling met apixaban en vervang door een VKA of LMWH (afhankelijk van de indicatie).
Aandachtspunten:
– Longembolie of DVT in de voorgeschiedenis is geen indicatie voor langer dan 4 weken profylaxe.
– Eerste gift nadroparine uitstellen tot tenminste 6 uur postoperatief.
Dosering DOAC’s profylaxe en behandeling bij volwassenen
#dosering_DOAC_profylaxe_behandeling_volw
|
dabigatran |
rivaroxaban |
apixaban |
edoxaban |
|
|
Merknaam |
Pradaxa |
Xarelto |
Eliquis |
Lixiana |
|
Atriumfibrilleren |
||||
|
Standaard dosering |
2dd 150 mg |
1dd 20 mg |
2dd 5 mg |
1dd 60 mg |
|
Aangepaste dosering |
2dd 110 mg bij leeftijd ≥80 jaar of co-medicatie met verapamil 2dd 110 mg bij:
EN één van volgende:
|
1dd 15 mg bij eGFR 10-50 ml/min of bij hoog bloedingsrisico (HAS-BLED 3 of hoger) gedurende combinatie met trombocyten- aggregatieremmer |
2dd 2,5 mg indien minimaal 2 van de volgende criteria:
|
1dd 30 mg indien minimaal 1 van de volgende criteria:
|
|
Contraindicatie nierfunctie?* |
Ja, eGFR<30 ml/min |
Indien HD, CVVH of PD dosis van 1dd 10mg |
Nee (indien HD, CVVH of PD standaard dosering, tenzij 2 of meer van bovenstaande criteria) |
Ja, indien HD, CVVH of PD |
|
Behandeling DVT en LE |
||||
|
Standaard dosering (geteld vanaf diagnosedatum) |
Dag 1 t/m 5: LMWH therapeutisch Vanaf dag 6: dabigatran 2dd 150 mg |
Dag 1 t/m 21: 2dd 15 mg Vanaf dag 22: 1dd 20 mg Bij langdurige behandeling na 6 maanden evt 1dd 10 mg tenzij grote kans op recidief |
Dag 1 t/m 7: 2dd 10 mg Vanaf dag 8: 2dd 5 mg Na 6 maanden ter preventie recidief: 2dd 2,5 mg |
Dag 1 t/m 5: LMWH therapeutisch Vanaf dag 6: edoxaban 1dd 60 mg |
|
Aangepaste dosering |
2dd 110 mg bij leeftijd ≥80 jaar of co-medicatie met verapamil 2dd 110 mg bij:
hoog ingeschat bloedingsrisico, bijv. recente bloeding, oesofagitis of gastro-oesofageale reflux |
Geen aangepaste dosering bij eGFR 10-50 ml/min 1dd 15 mg overwegen bij verhoogd bloedingsrisico |
Geen aangepaste dosering bij eGFR 10-50 ml/min |
1dd 30 mg indien minimaal 1 van de volgende criteria:
|
|
Contraindicatie nierfunctie?* |
Ja, eGFR<30 ml/min |
Indien HD, CVVH of PD dosis van 1dd 10mg |
Nee (indien HD, CVVH of PD standaard dosering, tenzij 2 of meer van bovenstaande criteria) |
Ja, indien HD, CVVH of PD |
